"Ik ben leven dat leven wil, te midden van leven dat leven wil." - Albert Schweitzer (1875 - 1965)

Dieren die we houden om voor ons te werken

In Nederland en in het buitenland worden dieren ingezet om voor de mens werk te verrichten zoals honden, paarden, ezels, kamelen, insecten, roofvogels, olifanten en dolfijnen. De capaciteiten van deze dieren worden aangesproken, omdat de mens er zelf of via technologie (nog) niet over beschikt. Zo zijn paarden en ezels sterker dan mensen en kunnen honden beter ruiken, maar dieren worden ook ingezet om mensen te helpen.

De volgende werkdieren kunnen worden onderscheiden:

  • Hulpdieren
  • Dieren voor orde en veiligheid
  • Dieren voor beheer en schadebestrijding
  • Dieren die helpen bij de jacht
  • Dieren voor medische toepassingen
  • Dieren voor natuurbeheer en -onderbehoud
  • Dieren in de oorlog
  • Last-, trek- en rijdieren

Hulpdieren


Hulphonden
Er zijn diverse hulphonden die ervoor zorgen dat hun eigenaren zelfstandig(er) kunnen leven en meer mobiel zijn. Er zijn

  • geleidehonden voor blinden en visueel beperkten
  • signaalhonden voor doven en slechthorenden
  • ADL-honden (ADL staat voor Activiteiten in het Dagelijks Leven) voor mensen met een lichamelijke beperking en
  • seizurehonden die hun eigenaar helpen tijdens en na een epileptische aanval. Ook kunnen de honden er voor zorgen dat hun eigenaren zich rustiger of veiliger voelen. (Foto: Hulphond Nederland)

In Nederland houden de volgende opleidingsinstituten zich bezig met de opleiding en training van hulphonden:

Hulpapen
In Amerika zijn er ook capucijnapen die worden getraind om gehandicapte mensen te helpen in het dagelijks leven.
Zie www.monkeyhelpers.org.

Geleidepaard
In Amerika is in Boston in 1999 de Guide Horse Foundation opgericht. Deze stichting leidt minipaarden op om blinden te begeleiden. De paarden zijn geschikt voor blinden die van paarden houden, allergisch zijn voor honden of die een hulpdier willen met een langere levensduur. Klik hier voor een filmpje.

Dieren voor orde en veiligheid

 

Politiehonden
De politie maakt gebruik van honden en paarden. Bij politiehonden wordt er onderscheid gemaakt in:
* Surveillancehonden
Deze honden assisteren in de dagelijkse surveillance of bij het optreden van de Mobiele Eenheid.
* Speurhonden
Deze honden worden ingezet vanwege hun scherpe reukvermogen. Ze ruiken wel een miljoen keer beter dan mensen. Speurhonden hebben elk hun 'reukspecialiteit', zoals menselijke geur (bijvoorbeeld voor het oplossen van misdrijven), drugs, explosieven, brandversnellers (in politiejargon worden deze honden ook wel 'brandhond' genoemd) en geld.

* AOE-honden
Dit zijn honden die behoren tot een aanhoudings- en ondersteuningseenheid (AOE). Ze worden gebruikt bij het arresteren van vuurwapengevaarlijke verdachten. Ze worden ingezet in een gebouw of op een terrein waar, afgezien van het arrestatieteam, geen andere personen aanwezig zijn. Ze zijn erop getraind om geen geluid te maken en om de verdachte te zoeken en te bijten. Foto: Speurhonden Instructieschool

Het Team Specialistische Honden is een opleidingsinstituut voor speurhonden binnen de Politie. Het team houdt zich bezig met de opleiding van hondengeleiders, het africhten van politiespeurhonden en de certificering van speur- en surveillancehonden.

Politiehonden blijven in principe tot hun tiende levensjaar bij de politie of zolang als zij nog hun werk goed kunnen uitvoeren en gecertificeerd zijn. De hondengeleider zorgt ook voor zijn hond nadat deze met pensioen is gegaan.


Politiepaarden
Door de politie worden ook paarden ingezet om de orde te handhaven en voor surveillancewerk. De politie te paard houdt onder andere toezicht bij grote evenementen zoals voetbalwedstrijden, optochten en demonstraties en surveilleert in steden en winkelcentra. Het voordeel van de inzet van paarden is dat ze weinig agressie oproepen en wendbaar zijn. Tegelijkertijd boezemt een paard vaak ontzag in. Daarom worden ze ook ingezet bij ME-optredens. Op Prinsjesdag en bij bijzondere gebeurtenissen van het Koninklijk Huis, zoals een huwelijk, vormt de politie te paard een ere-escorte.
De Politie verzorgt de opleiding van ruiters en de aanschaf en africhting van de paarden. Regiokorpsen kunnen de Politie vragen om inzet van politiepaarden wanneer dat nodig is in hun regio. Er zijn enkele korpsen die zelf politiepaarden in hun bezit hebben: Amsterdam-Amstelland, Haaglanden, Gelderland-Midden, Utrecht, Groningen en Rotterdam-Rijnmond.
Op de beeldbank van Schooltv kun je een filmpje zien over het politiepaard. Daarnaast heeft het programma Willem Wever een uitzending gewijd aan 'Hoe worden paarden politiepaarden?'. In 2011 zond omroep Max de serie 'Politie te paard' uit.

 



Waakhonden/waakganzen
Waakhonden worden gebruikt om een bepaald gebied voor de mens te bewaken. Particuliere bewakingsdiensten maken ook vaak gebruik van honden om gebouwen, terreinen of gebieden te bewaken. Ganzen worden door mensen ook ingezet om het erf te bewaken.

 

 

 

Reddingshonden
Reddingshonden zijn getraind om te helpen bij reddingsoperaties. Ze helpen bij het opsporen van vermiste personen, bijvoorbeeld bij een aardbeving, bij lawines, een verdwijning of een misdrijf. De stichting Search en Rescuedog Centre Netherlands (SRCN) leidt sinds 2004 reddingshonden en begeleiders op, met als doel ondersteuning te kunnen bieden aan onder andere de politie bij het opsporen van vermiste personen in binnen- en buitenland. Overheidsinstellingen, andere organisaties en particulieren kunnen een beroep doen op deze organisaties voor het inzetten van honden bij rampen, vermissingen en calamiteiten in binnen- en buitenland.
Ook de politie heeft reddingshonden in dienst. Het Urban Search and Rescue Team (USAR) is een team van specialisten dat wordt uitgezonden naar rampgebieden waar mogelijk nog overlevenden onder het puin begraven liggen. Honden kunnen de overlevenden aanwijzen, zodat graafwerkzaamheden gerichter kunnen plaatsvinden. Binnen de Nederlandse politie zijn hiervoor zestien reddingshonden met hun begeleider beschikbaar; zes van het team en tien van de regionale korpsen.

Foto: Partnerhund

 



Schaapshonden
In Nederland is nog een beperkt aantal schaapherders actief die met hun schaapskuddes de velden begrazen. Daarbij worden zij vergezeld door hun schaapshonden. De honden zorgen ervoor dat de schapen niet afdwalen of weglopen als zij op de open vlakten grazen. Tot de 19e eeuw graasden in Zeeland, Friesland, Drenthe, Texel, de Veluwe, Oost-Brabant en Noord-Limburg grote schaapskuddes op destijds nog weidse velden die niet of nauwelijks waren afgezet met hekken.
Op de website van Geschiedenis 24 zijn diverse reportages te vinden over schaapskuddes. In 2012 verscheen de film Winter Nomads.


Dieren voor beheer en schadebestrijding


Insecten
Insecten worden ingezet in het kader van de biologische gewasbestrijding: de bestrijding van schadelijke organismen in de landbouw met behulp van natuurlijke vijanden van deze organismen. Er worden drie groepen nuttige organismen onderscheiden.

  1. Predatoren: Roofdieren die andere organismen opeten, zoals de roofmijt Phytoseiulus persimilis die rode spintmijten eet, of het lieveheersbeestje dat luizen eet. Andere roofdieren zijn roofwantsen, roofkevers, roofvliegen en galmuggen.
  2. Parasieten: Parasieten leven ten koste van andere organismen zoals bacteriën bij rupsen of sluipwespen bij de witte vlieg. 
  3. Micro-organismen: onder meer aaltjes, schimmels, bacteriën en virussen

De belangrijkste in Nederland gebruikte natuurlijke vijanden zijn roofmijten, roofwantsen en sluipwespen. Sluipwespen zijn kleine parasieten, waarvan de vrouwtjes een ei leggen in of op een gastheer. De uitkomende larve leeft van deze gastheer. Als de larve volgroeid is, treedt de dood van de gastheer in. Het vrouwtje kan ook zelf de gastheer doden door deze aan te steken en bloed te zuigen. De mannetjes steken niet. Sluipwespen zijn vaak gespecialiseerd op enkele insectensoorten.


Russische rattenslang
De Russische rattenslang wordt in Nederland in toenemende mate ingezet voor het bestrijden van ratten en muizen in kassen.

 



Roofvogels
Op sommige plekken in Nederland wordt overlast ervaren door de aanwezigheid van dieren zoals vogels en konijnen. Deze dieren kunnen schade aan gewassen toebrengen door er van te eten of gebouwen of terreinen vervuilen met hun uitwerpselen. Er kunnen ook risico's optreden voor de volksgezondheid, de veiligheid rondom vliegvelden en er kan schade aan het imago van een bedrijf ontstaan. Roofvogels worden onder andere ingezet om vogeloverlast door bijvoorbeeld (stads)duiven, kauwen of spreeuwen en om konijnenoverlast te bestrijden. De dreiging van een natuurlijke vijand zoals een valk is voor deze vogels vaak al voldoende om weg te gaan. Het inzetten van roofvogels gebeurt onder andere in gebieden waar conventionele middelen en jachtmethodes niet mogelijk zijn of niet zijn toegestaan zoals op industrie- en fabrieksterreinen, begraafplaatsen, sport- en voetbalvelden of andere locaties binnen een bebouwde kom. Doorgaans ligt bij overlastbestrijding de nadruk meer op het verjagen dan op het jagen (bemachtigen). De roofvogels ondergaan hiervoor een specialistische training die ze voor het doel geschikt maakt.


Dieren die helpen bij de jacht


Fretten
Fretten worden onder andere ingezet bij de jacht op konijnen en ratten. Dit gebeurt onder andere op sportvelden, begraafplaatsen, kwekerijen of ter bestrijding van ratten onder gebouwen. Op deze locaties kan niet of moeilijk met een geweer worden gejaagd door te kleine oppervlaktes, mogelijke hagelschade of gebrek aan overzicht. Bij het fretteren wordt gebruik gemaakt van de nieuwsgierigheid van de fret. Uit nieuwsgierigheid doorzoekt de fret de konijnen- en/of rattenholen en daarbij jaagt hij de aanwezige dieren eruit. Foto: Valkeniers.com

 


 

Jachthonden
Jachthonden zijn er in verschillende soorten die samenhangen met de vorm van jacht. Ruwweg zijn er vijf groepen:

  1. Staande honden hebben als specifieke eigenschap dat ze het wild opsporen en aanwijzen door roerloos met hun neus in de richting van het wild te gaan staan.
  2. Drijvende honden zoeken het wild op en drijven het in de gewenste richting op.
  3. Honden die het geschoten wild apporteren, vaak ook uit het water.
  4. Aardhonden worden gebruik voor de jacht op onder de grond levende dieren zoals konijnen en vossen. Het zijn meestal laagbenige rassen, waardoor ze in staat zijn het wild uit hun hol te jagen. 
  5. Zweethonden zijn jachthonden die zijn gespecialiseerd in het opsporen van aangeschoten wild of gewond groot wild (bijvoorbeeld als gevolg van een aanrijding). (Foto: Patrijshond.nl)

 

Jachtvogels/Valkerij
Het jagen met vogels wordt valkerij of vluchtbedrijf genoemd. Het wild wordt in zijn natuurlijke omgeving middels een getrainde roofvogel bejaagd waarbij gebruik wordt gemaakt van de natuurlijke jachtdrift van de vogels. Voor de hoge vlucht op vogels worden valken gebruikt, waarbij de slechtvalk en de grotere gier- of geervalk favoriet zijn. Voor de jacht op laagvliegend en lopend wild (konijn, haas) worden havikken en sperwers ingezet. Valkeniers worden steeds meer ingezet ter bestrijding van overlast van vogels, bijvoorbeeld op luchthavens.

 



Lokjacht met kooihond
De kooikerhond assisteert de kooibaas bij het vangen van de eenden in de eendenkooi. Het is een vorm van lokjacht. De hond heeft de taak om de eenden op de kooiplas te lokken door hun nieuwsgierigheid te wekken en ze de vangpijp in te lokken. Er zijn in ons land nog ruim honderd eendenkooien. De meeste daarvan zijn betrokken bij wetenschappelijk onderzoek. In een aantal werkt de kooibaas nog steeds met een kooikerhond. Klik hier voor een filmpje van TV Green Magazine waarin wordt uitgelegd hoe een eendenkooi werkt.

 



Vis vangen met aalschovers
Chinese en Japanse vissers gebruiken vaak aalscholvers bij het vangen van vis. De aalscholvers worden van jongs af aan getraind. Hun vleugels worden geknipt, zodat ze niet kunnen wegvliegen. De vogels krijgen een ring om hun hals, die zo is gemaakt dat het dier alleen kleine vissen kan doorslikken en geen middelgrote en grote vissen. Er zijn ook vissers die otters gebruiken om vis te vangen. Ook deze dieren worden aan riemen vastgemaakt en te water gelaten. Als ze een vis gevangen hebben, moeten ze die naar hun baas brengen. Soms worden in Azië ook honden gebruikt bij de visvangst. Na een hoge fluittoon van hun bazen schieten de getrainde honden het water in. Ze drijven dan een school vissen naar de kust. Als ze ondiep water bereiken, pakken zij de vissen in hun bek en leggen die op het strand.


Dieren voor medische toepassingen


Bloedzuigertherapie
In Nederland wordt bloedzuigertherapie beperkt toegepast. Een paar ziekenhuizen en het Medisch Centrum Hirudo maken gebruik van bloedzuigertherapie. De therapie wordt onder andere toegepast bij trombose, oedeem, furunkels, gewrichtspijn, bloeduitstortingen, bloedstuwing en plastische chirurgie. Het speeksel van de bloedzuigers, meestal de hirudo medicinales, bevat stoffen met verdovende, pijnstillende, vaatverwijdende, bloedverdunnende en trombusoplossende eigenschappen. De bloedzuigers worden één keer gebruikt. De Hirudotherapie wordt momenteel steeds meer erkend en wetenschappelijk onderbouwd en is in landen als Duitsland, Frankrijk, Amerika, Israël en Rusland al populair. Daar zijn ook speciale fabrieken voor de productie van bloedzuigers.

 



Madentherapie
Madentherapie is het gebruik van maden bij de behandeling van bijzondere wonden. Maden van de goudvlieg (Lucilia sericata) worden speciaal voor dit doel gekweekt. Ze voeden zich bij voorkeur met afgestorven weefsel. Veel open wonden zijn bedekt met afgestorven weefsel (necrose). Dit verhindert de wondgenezing. Met hun speeksel maken de maden het afgestorven weefsel vloeibaar, waardoor ze dit kunnen opeten. Ze zijn niet in staat om gezonde huid op te eten. De maden ruimen dood weefsel en daarmee tegelijkertijd bacteriën op. Hierdoor ontstaat een betere doorbloeding en daarmee een betere genezing van de wond. Infectie en verdere achteruitgang van de wond wordt daardoor voorkomen. Tegenwoordig wordt madentherapie onder andere in de academische ziekenhuizen van Rotterdam en Leiden gebruikt.

 



Fish Spa
In Nederland is in januari 2011 de eerste Garra Rufa Ichthyotherapie Kliniek geopend in Tegelen. De kliniek biedt Garra Rufa behandelingen aan mensen met chronische huidklachten zoals psoriasis, eczeem en acne. De Garra Rufa Vissen eten de dode huidschilfers weg van de huid. Inmiddels zijn er meer bodyspa’s in Nederland en worden de behandelingen ook gebruikt voor cosmetische doeleinden (welness).
Foto:
Sauna Nijverdal

 


  


Bijensteektherapie
Het behandelen van aandoeningen bij mensen met bijensteken, dus met bijengif, wordt bijensteek-therapie genoemd. In Nederland wordt het niet of nauwelijks toegepast. In China is het sinds 2007 legaal en wordt het toegepast in de Kang Tai Bee kliniek. Volgens de artsen is de therapie vergelijkbaar met acupunctuur, maar gebruiken ze bijen in plaats van naalden. De giftige stof die de bijen injecteren dient echter ook als een natuurlijk medicijn. Het zou vooral helpen bij ziekten als reuma en artritis en bij tal van andere aandoeningen. Het gif stimuleert de bloedcirculatie, remt ontstekingen en verzacht pijn. Alleen vrouwelijke bijen worden gebruikt, omdat zij een angel hebben. De bij sterft nadat zij heeft gestoken.Klik hier voor een filmpje.

 



Kankerhonden
Sommige honden zijn in staat om aan de hand van de geur van iemands adem te detecteren of deze persoon borst-, long- of darmkanker heeft. Wetenschappers in het buitenland doen hier onderzoek naar. In Amerika in Steere verplegingstehuis in Providence, Rhode Island weet kat Oscar wanneer iemand zal overlijden. De Amerikaanse arts David Dosa schreef er een boek over: 'Making Rounds with Oscar: the extraordinary gift of an ordinary cat'. Hij vermoedt dat de kat net als honden kan ruiken of iemand gaat overlijden. Klik hier voor een filmpje over Oscar op YouTube en zie ook een uitzending van EenVandaag (2014). Foto: Medical Detection Dogs

 

Dieren voor natuurbeheer en -onderhoud


In Nederland worden diverse dieren ingezet voor natuurbeheer en -ontwikkeling door middel van natuurlijke begrazing, zoals runderen, paarden, pony’s, schapen en geiten. Ze dragen bij aan ontwikkeling en variatie van het landschap, variatie in de vegetatiestructuur en ze gaan vergrassing, verruiging en verhouting tegen. Daarmee wordt ook de biodiversiteit in het natuurgebied behouden of gecreëerd. Er zijn in Nederland een aantal bedrijven waar de dieren kunnen worden gehuurd voor begrazing, zoals de Stichting Taurus. Natuurlijke begrazing wordt niet alleen toegepast als beheervorm in grote natuurgebieden, maar ook in kleinere terreinen en parken. 


Dieren in de oorlog

Dieren worden ook ingezet voor militaire doeleinden. Nederland zet daarvoor vooral honden, paarden en ezels in.

 

In het buitenland worden ook andere dieren ingezet:

  • Dolfijnen en zeeleeuwen: De marine van de Verenigde Staten zet soms dolfijnen of zeeleeuwen in om mijnen op te sporen en te ruimen onderwater. Meer informatie vind je op de website van de U.S. Navy Marine Mammal Programm. (Foto: U.S. Navy / Brien Aho)
  • Gambiaanse hamsterrat: In Afrika worden Gambiaanse hamsterratten ingezet om landmijnen op te sporen. De dieren ruiken waar de mijnen zitten, maar zijn te licht om ze te laten ontploffen.
  • Insecten: Amerikaanse wetenschappers hebben in opdracht van het Pentagon enkele kevers zo gemodificeerd dat de insecten op afstand zijn te besturen door mensen. Klik hier voor een filmpje. Meer informatie vind je op de website van Phys Org.
  • Kamelen: Kamelen werden gebruikt in beide wereldoorlogen. Kamelen worden nog steeds gebruikt door het Indiase leger en door de grensbewakers van de douane van India.


 

In het Verenigd Koninkrijk bestaat sinds 1943 de zognaamde Dickin Medal. Dit is een medaille die wordt uitgereikt aan Britse dieren die zich heldhaftig hebben gedragen in oorlogstijd. Bij hoge uitzondering wordt de medaille uitgereikt aan dieren uit andere landen. De Dickin Medal wordt uitgereikt door de People's Dispensary for Sick Animals (PDSA). Sinds 1943 is de Dickin Medal 64 keer uitgereikt aan 32 duiven, 28 honden, 3 paarden en 1 kat.
Sinds 2002 bestaat ook de PDSA Gouden Medaille voor dieren die zich verdienstelijk hebben gemaakt, maar niet in krijgsdienst.

   

Last-, trek- en rijdieren


  • Paarden, ezels en muildieren worden ingezet in veel landen in Azië, Afrika, het Midden-Oosten en Latijns-Amerika voor het vervoeren van goederen, mensen, vuilnis, bouwmaterialen en landbouwproducten.
  • Olifanten worden in Thailand en India ingezet als lastdier, om boomstammen in de houtindustrie te verplaatsten of als rijdier ingezet in de toeristenindustrie.
  • Kamelen en dromedarissen zijn door hun grootte en hun vermogen om het langere tijd uit te houden in de woestijn geschikt als last- en rijdier in de hete woestijn. De dieren hebben hier hun bijnaam 'schip der woestijn' aan te danken. Vroeger werd het dier gebruikt voor handelskaravanen, die tegenwoordig zeldzaam zijn. Zoutkaravanen met dromedarissen bestaan nog steeds in het zuiden van de Sahara, in landen als Mauritanië, Mali en Niger. Kamelen en dromedarissen worden ook gebruikt in de toeristenindustrie en in sommige landen nog om de ploeg te trekken.
  • Paarden worden in Amerika, Australië en Canada gebruikt om het vee op te drijven.
  • Ossen, buffels en paarden worden in veel landen nog steeds ingezet om op het land te helpen.
  

Dierenwelzijn werkdieren

Klik hier.

Beleid en regelgeving

Voor het houden van dieren voor het verrichten van arbeid gelden de algemene bepalingen in de Wet dieren. In artikel 2.1 staat o.a. dat mensen verplicht zijn om goed te zorgen voor hun dier en dat mishandeling en verwaarlozing van dieren verboden is. In artikel 2.1 is ook de bepaling opgenomen dat het verboden is om een hond als trekkracht te gebruiken.


Bronnen/Meer weten?

Boeken

Dieren in de oorlog

  • Legermuseum, Dappere dieren in dienst, 2008
  • Nocella, A.J., e.a., Animals and War - Confronting the military industrial complex, 2013
  • Pierik, P. en G. Kip, Hellehonden en ander dierenleed 1914-1945. Een ode aan het dier in oorlogstijd, 2009 (klik hier voor een interview met Perry Pierik)
  • Tak, B.D., Oorlogsdieren. Over boodschappers, bommendragers en troosthonden, 2009

Werkdieren

  • Centrum voor Mondiaal Onderwijs, Werkdieren, 2007
  • Duparc, H.J.A., De Amsterdamse paardentrams, 1997
  • Janssen, J., Hondenbaan. 100 jaar honden bij politie Haaglanden, 2008
  • Peerlings, J. en T. van der Weerden, Het trekpaard, 2007
  • Romijn, W., Het Boerenpaard - De laatste omgang, 1995
  • cigliano, E., Love, war and circuses. The age-old relationship between elephants and humans, 2002
  • Zijlmans, J., Hond & Baas - Een geschiedenis van haat en liefde, 2002

Websites

  • Wikipedia: krijgspaard, krijgsolifant, militair dier, working animal