"Ik ben leven dat leven wil, te midden van leven dat leven wil." - Albert Schweitzer (1875 - 1965)

Dierenwelzijn van sportdieren

Maatschappelijke zorg

De maatschappelijke discussies over sport met dieren focussen zich met name op het welzijn van duiven en paarden, maar er spelen ook issues die zijn gerelateerd aan het op een respectvolle wijze omgaan met dieren. Met name in Engeland en Australië, waar veel paardenraces plaatsvinden, is veel verzet tegen deze vorm van paardensport door PETA en Animals Australia.

Campagneposters over paardensport

Welzijnsproblemen door sport

DUIVENSPORT
De Wageningen Universiteit en de Universiteit van Utrecht hebben in het rapport 'Ongerief bij gezelschapsdieren' (2010) in beeld gebracht welk ongerief duiven kunnen ervaren en de bronnen die dit veroorzaken.

Postduiven

  • Wanneer er te veel duiven in een hok zitten en er onvoldoende ventilatie is, kunnen ziekten en agressief gedrag ontstaan.
  • In te krappe hokken kunnen zelfstandige jongen door de oude duiven worden nagejaagd en gepikt.
  • Wanneer thuisblijvende duiven niet mogen vliegen en de partner wel ontstaat risico op verveling en/of stress.
  • Bij thuisblijvende en individueel gehouden duiven kan apathie en stereotiep gedrag optreden.
  • Wanneer de conditie onvoldoende is en jonge duiven toch moeten vliegen kan er ongerief ontstaan.
  • Als gevolg van nestspel (het laten vliegen van broedende duiven) en het hanteren van het weduwschapsspel (duiven worden gekoppeld en weer van elkaar gescheiden) ontstaat er ernstig ongerief.
  • Door het bijeenbrengen van duiven van verschillende herkomst en de vlucht kunnen risico's op infectieziekten ontstaan.
  • Ziekte als gevolg van diverse virusinfecties. Virusinfecties geven vooral bij jonge duiven problemen. 
  • Door uitputting, oververhitting en uitdroging vallen duiven uit tijdens wedvluchten. De hoeveelheid duiven die uitvalt is afhankelijk van de voorbereiding van de duiven, de conditie van de duiven, het in de rui zijn, transportcondities, weersomstandigheden en lengte van de vlucht. 
  • Na een lange tijd vliegen kunnen duiven kramp in de poten krijgen en gewicht verliezen. 
  • Sommige duiven vallen ten prooi aan roofvogels als de sperwer en de havik.
  • Sommige duiven verongelukken door hoogspanningskabels en verkeer. 
  • Wanneer duivenhouders zelf onverdoofd wonden bij duiven hechten of breuken spalken ontstaat ongerief. 
  • Het ruwe laden bij transport veroorzaakt verstoringen bij duiven. 
  • Jonge duiven zijn tijdens het transport waarschijnlijk kwetsbaarder voor watertekorten dan oudere duiven, omdat zij de drinkgoten in de vrachtwagens niet altijd weten te vinden.
  • Het is niet bekend in welke mate de diverse manieren van 'hanteren' van duiven voor ongerief zorgen.

De Amerikaanse dierenorganisatie PETA deed in 2013 undercover onderzoek naar duivenraces in Engeland. Zie hieronder.

  Sierduiven

  • Te lange nagels leiden ertoe dat sierduiven minder goed kunnen staan en lopen.
  • Als gevolg van de fokkerij ontstaat ongerief. Enkele voorbeelden:
  • meeuwduiven kunnen voer niet goed opnemen vanwege hun korte snavellengte
  • wratduiven hebben last van ademhalingsproblemen vanwege de grote wratten langs hun neus
  • structuurduiven hebben verminderd zicht en vliegvermogen
  • voetbevederde duivenrassen hebben last van pootproblemen en infecties
  • kropperduiven kunnen moeite hebben met hun evenwicht, omdat ze topzwaar zijn
  • Gebrek aan beweging bij vliegduiven zoals tuimelaars en hoogvliegers, omdat ze gehouden worden als volièrevogel.
  • Ongerief als gevolg van voeding, drinkwater en voedingsproblemen.
  • Het tentoonstellen van duiven kan stress veroorzaken. Dit kan door het transport, de vreemde omgeving, de individuele huisvesting en het toiletteren van de duiven (wassen, uittrekken van afwijkend gekleurde veertjes, het bijkleuren van de poten, etc.)

HONDENSPORT
Er is geen specifiek onderzoek uitgevoerd naar het ongerief dat honden ervaren in de hondensport. Deze honden worden over het algemeen ook als gezelschapsdier gehouden. Het ongerief dat honden daarvan ondervinden is beschreven in het rapport Ongerief bij gezelschapsdieren (2010).

PAARDENSPORT
In het rapport 'Ongerief bij rundvee, varkens, pluimvee, nertsen en paarden' heeft de Wageningen Universiteit in 2007 het ongerief dat paarden ervaren in beeld gebracht. In 2011 werd opnieuw het ongerief gemonitord (eerste herhaling). Het gaat onder andere om:

  • Afwijkend gedrag zoals stereotypieën in de vorm van kribbebijten, weven, luchtzuigen en boxlopen. Stereotypieën zijn gedragen die ogenschijnlijk geen doel of functie hebben en repeterend worden uitgevoerd doordat paarden in meer of mindere mate beperkt worden in het uitoefenen van hun natuurlijke gedrag. Risico’s voor het ontstaan van gedragsproblemen zijn:
  • Te vroeg spenen (= scheiden van het moederdier)
  • Opstallen in individuele boxen
  • Onvoldoende bewegingsvrijheid
  • Onvoldoende mogelijkheid tot foerageren en daarmee gedurende de dag onvoldoende ruwvoer kunnen eten
  • Onvoldoende mogelijkheid tot sociaal contact en sociaal gedrag
  • Stress in omgang met mensen door communicatiestoringen en/of verstoring in wederzijds vertrouwen tussen mens en paard
  • Stress als gevolg van spenen


  • Stress, een verhoogde kans op ongelukken, blessures en chronische stress (dat weer kan leiden tot afwijkend gedrag) als gevolg van een ‘mismatch’: niet ieder paard is geschikt voor het doel waarvoor de mens het wil gebruiken
  • Ongerief door ondeskundig gebruik van hulpmiddelen (ook van verboden hulpmiddelen)
  • Stress, blessures, afwijkend gedrag en mentale/fysieke overtraining als gevolg van verkeerde of niet goed uitgevoerde trainingsmethodes
  • Gezondheidsproblemen die voorkomen zijn:
  • vermagering of vetzucht
  • problemen met maag-darmkanaal (o.a. maagzweren komen veel voor als gevolg van de samenstelling van het voedsel en stress)
  • aandoeningen van het bewegingsapparaat (o.a. kreupelheid komt vaak voor)
  • rugproblemen (in Nederland geschat op ruim boven de 10%)
  • problemen met de luchtwegen komen veelvuldig voor (o.a. als gevolg van slecht stalklimaat)
  • afwijkende slijtage van de snijtanden
  • problemen met huid en beharing die pijn of jeuk veroorzaken
  • problemen met de skelet-, bot- en spierontwikkeling als gevolg van gebrek aan beweging door langdurig op stal staan, maar ook door te intensieve traingsmethoden.
  • Een aantal van de hierboven genoemde welzijnsproblemen worden ook veroorzaakt door erfelijke problemen, mede als gevolg van inteelt.
  • Ongerief als gevolg van transport

Wil je meer weten over het welzijn van paarden? Kijk dan op Dierenwelzijnsweb


SPORTVISSEN
De
Vissenbescherming beschrijft op haar website welke welzijnsproblemen vissen kunnen ondervinden bij sportvisserij.

  • Het welzijn van vissen kan worden geschaad tengevolge van het vangen, onthaken en terugzetten van vis bij onzorgvuldig handelen. Verwondingen aan de bek, pijn en stress kunnen het gevolg zijn.
  • Vishaken kunnen wanneer ze met het lokvoer worden ingeslikt, verwondingen aan de organen van de vis veroorzaken met mogelijk de dood tot gevolg.



  • Nadat de vissen gevangen zijn, worden ze vaak geruime tijd in leefnetten gehouden voordat ze hun vrijheid terugkrijgen. Deze netten, die in het water hangen, veroorzaken stress waardoor de vissen kunnen sterven. Daarnaast kunnen vissen ernstige beschadigingen oplopen aan hun snuit en vinnen, doordat ze proberen te ontsnappen. Door het schuren tegen het leefnet beschadigt een deel van hun schubben en slijmlaag. Dit kan leiden tot infecties en schimmelaantasting, waardoor de teruggezette vis alsnog sterft.
  • Wanneer hengelaars de vissen met droge handen aanpakken, bestaat het risico dat de beschermende slijmlaag wordt beschadigd. Ook deze beschadigingen kunnen leiden tot ziekte en dood van de vis.
  • Wanneer een vis wordt gedood, bijvoorbeeld omdat hij gewond is of voor de consumptie is bestemd, dient hij zorgvuldig te worden gedood.

(Water)vogels kunnen het slachtoffer worden van achtergebleven vismaterialen in het water. Ze kunnen er verstrikt in raken, maar het ook oppikken en inslikken.

Onvoldoende respect voor het dier

Niet alleen het welzijn van sportdieren is onderwerp van maatschappelijke discussie, het gebruiken van dieren voor sportdoeleinden wordt ook als niet respectvol gezien. Argumenten die in dit kader worden genoemd zijn:

Er zijn alternatieven voor het sporten met dieren

  • Sporten met dieren is geen noodzaak, maar een luxe.

Dieren worden gezien als een ding of gebruiksvoorwerp (sportobject)

  • Aan de duiven- en sierduivensport is prestige en geld verbonden. Goede kweekduiven zijn veel geld waard. Postduiven uit 'beroemde' lijnen en met goede resultaten worden voor veel geld verkocht via veilingen.
  • Goed presterende paarden worden voor hoge prijzen verkocht. Dit bleek bijvoorbeeld na de Olympische spelen van 2012.
  • In de sport staat het welzijn van het paard op gespannen voet met ambities en competitie.


Dieren worden aangepast aan de wensen van de mens

  • Duiven worden gefokt op prestatie. Alleen snelle en foktechnisch goede wedstrijdduiven worden gehouden.
  • Paarden worden gefokt op prestatie.
  • Het gokken op wedstrijden met dieren draagt bij aan het opvoeren van de prestaties en dat gaat ten koste van het welzijn van de dieren.

Er wordt inbreuk gemaakt op het natuurlijk gedrag van de dieren

  • Het hanteren van het nestspel en het weduwspel in de duivensport toont geen respect voor het natuurlijk gedrag van duiven.
  • Bij paarden geldt dit voor dressuur en de springsport.
  • Individuele huisvesting van paarden komt niet tegemoet aan de sociale behoeften van een paard.
  • Veulens worden vaak vroegtijdig bij de moeder weggehaald waardoor de merries hun maternaal gedrag wordt ontnomen en veulens opgroeien zonder moederzorg.

Dieren worden vroegtijdig gedood, dit toont geen respect voor de waarde van het leven van een dier

  • Duiven die overbodig zijn of niet goed presteren worden door de eigenaar gedood of gaan naar poeliers.
  • Duiven die ziek zijn worden gedood. 
  • Zieke paarden waarvan de eigenaren de medische kosten niet kunnen of willen betalen worden vaak gedood. 
  • Het komt voor dat paarden die te duur in onderhoud worden, worden gedood.
  • Het komt voor dat paarden die ongewenst gedrag vertonen, worden gedood.
  • Het komt voor dat paarden die onvoldoende presteren worden gedood.

Nieuw beleid

Bewustwording en kennisvergroting paardenhouders
De Dierenbescherming is in 2009 een paardencampagne gestart om mensen bewust te maken van het leed dat heerst onder paarden en om het welzijn van paarden te verbeteren. Klik hier voor informatie op hun website. De Dierenbescherming pleit voor een Paardenbesluit, omdat er nauwelijks regelgeving is voor het houden van paarden.
De overheid legt echter de verantwoordelijkheid bij de paardensector. De Sectorraad Paarden heeft in 2011 een Gids voor Goede Praktijken voor paardenhouders uitgebracht. Sinds eind 2014 is de website www.paardenwelzijnscheck.nl online. De website is ontwikkeld om de kennis over paardenwelzijn bij alle paardenhouders in Nederland verder te vergroten. In de diverse hippische opleidingen is er inmiddels ook meer aandacht voor dierenwelzijn.

Cursus vissenwelzijn
De Radboud Universiteit Nijmegen, IMARES Wageningen en de Universiteit van Utrecht zijn in 2012 een cursus vissenwelzijn gestart. De cursus heeft als doel om nieuwe inzichten over vissen te delen met mensen die met vissen omgaan.

Bronnen/Meer weten?

  • Dierenbescherming/paarden
  • Dierenwelzijnsweb/Welzijn paarden
  • Steenbergen, M. en J. Hulsen, Paardsignalen. Kijken, denken, doen, 2012
  • Vissenbescherming
  • WUR, Ongerief bij rundvee, varkens, pluimvee, nertsen en paarden, 2007
  • WUR, Ongerief bij gezelschapsdieren: Inventarisatie en prioritering en mogelijke oplossingsrichtingen, 2010
  • WUR, Ongerief bij rundvee, varkens, pluimvee, nertsen en paarden, Eerste herhaling, 2011