"Ik ben leven dat leven wil, te midden van leven dat leven wil." - Albert Schweitzer (1875 - 1965)

Integriteit van het dier

Dit begrip verwijst naar de heelheid en gaafheid van een dier en is gerelateerd aan het soortspecifiek en zelfstandig kunnen functioneren van een dier. Er wordt ook wel gesproken van de eigenheid van het dier. Het begrip staat los van de vraag of het welzijn of de gezondheid van het dier ook werkelijk in het geding is.

Respect voor de integriteit van een dier betekent dat we een dier in een omgeving laten leven waarin het normaal kan functioneren en floreren, in overeenstemming met hun eigen natuur. Als dit niet lukt en we passen het dier aan aan de omgeving (en daarmee aan onze wensen) dan schenden we de integriteit van het dier.

Er zijn diverse vormen van integriteitsaantasting:

  • De integriteit van een dier kan fysiek worden aangetast door het lichaam of de werking van het lichaam te veranderen, bijvoorbeeld het couperen van staarten bij varkens, het verwijderen van een stukje snavel bij kippen, het veranderen van dieren door te fokken op meer productie of nakomelingen of het genetisch veranderen van dieren.
  • De integriteit van een dier kan gedragsmatig worden aangetast door geen ruimte te geven aan het natuurlijke gedrag van het dier, bijvoorbeeld varkens die niet kunnen wroeten, kalveren die niet bij de moeder kunnen drinken of ijsberen die niet kilometers kunnen lopen.
  • De integriteit van een dier kan mentaal worden aangetast door ongewenst gedrag weg te selecteren of te sederen, bijvoorbeeld door het wegselecteren van agressie in kippen, het wegfokken van stressgevoeligheid bij varkens of het geven van kalmerende medicijnen aan dieren.
  • De integriteit van een dier kan worden aangetast wanneer het zijn soorteigen gedrag niet meer of onvoldoende kan uitoefenen. Dit kan gebeuren wanneer een dier door een serie bedrijfsmatige maatregelen een steeds simpeler gedragspatroon laat zien. Dit is o.a. gebeurd bij een aantal dieren die zijn gedomesticeerd.
  • De integriteit van het dier kan worden aangetast wanneer het dier zijn 'telos' niet kan realiseren. Telos is de verwezenlijking van het doel waarom men op aarde is, het levensdoel. Vertaald naar dieren betekent dit dat elke diersoort (of zelfs ras) zijn eigen telos heeft. De telos maakt het dier 'dier'. Het telos van een vos is dat hij op vogels jaagt. Het telos van een meeuw is dat deze zijn jongen verdedigt tegen de vos of andere broedplaatsen opzoekt.

Daarnaast kan ook het puur instrumenteel gebruiken van een dier worden gekwalificeerd als een aantasting van de integriteit.

Dierenwelzijn

Naast de integriteit van het dier is dierenwelzijn een belangrijke morele waarde in de dierethiek. Klik hier voor meer uitleg over dit begrip.


Meer weten?